Symposium

Een verslag door Els Jansen

Het podium was op 18 september geopend voor zes bijzondere sprekers, specialisten op het gebied van gynaecologie, cardiologie, diëtetiek, psychologie, complementaire geneeskunde en sociologie. Zij hebben vanuit hun eigen visie en expertise de lichamelijke, de emotionele en de mentale aspecten van het vrouw-zijn belicht.

VROUWEN EN HART- EN VAATZIEKTEN
De eerste presentatie werd verzorgd door dr. Angela Maas, cardioloog in de Isala Klinieken te Zwolle.
In de westerse wereld zijn hart- en vaatziekten bij zowel mannen als vrouwen de belangrijkste doodsoorzaak. Vrouwen worden beschermd door hun natuurlijke hormonen en daarom is het sterftecijfer vóór de overgang aanzienlijk lager dan bij mannen. Daarna neemt het risico op hart- en vaataandoeningen beduidend toe. Het overlijden als gevolg van hart- en vaatziekten is bij vrouwen tussen 50 en 65 jaar zelfs 2 keer zo hoog als bij mannen in dezelfde leeftijdscategorie!
Oestrogene hormonen hebben een beschermend effect op aderverkalking; zij verlagen de cholesterolwaarden. Na de overgang stijgt het LDL (het ‘slechte’ cholesterol) gemiddeld met 14%.
Bovendien hebben oestrogenen een regulerend effect op diverse ontstekings- en stollingsfactoren, waardoor aanslibbing minder voorkomt.

Roken verlaagt de oestrogeenspiegels en vergroot dus de kans op een hartinfarct of vaatafsluiting. Voor vrouwen die roken is het risico op een hartinfarct vóór de overgang al 2x zo groot als bij mannen. Van de vrouwen onder de 50 die een hartinfarct krijgen, is 90% rookster!

Diabetes Type II geeft bij vrouwen meer vaatschade dan bij mannen. Goede diabetesbehandeling, met de nodige leefstijlmaatregelen (voeding en bewegen!) zijn essentieel om hart- en vaatproblemen op langere termijn te voorkomen. Overgewicht met daarnaast een combinatie van risicofactoren, het metabool syndroom, zorgen voor een enorme groei van vrouwelijke patiënten met diabetes en (ernstige) hartklachten. Van het metabool syndroom is sprake bij 3 van de volgende 5 factoren: hoge bloeddruk, overmatig buikvet - een ‘appelfiguur’-, hoge triglyceridenwaarden, laag HDL niveau en insulineresistentie.

Er sterven 10 keer meer vrouwen aan hart- of vaatziekten dan aan borstkanker.
Veel klachten op dit gebied worden niet herkend als hart- en vaatklachten maar worden geduid als ‘overgangsklachten’ en het komt nog vaak voor dat klachten van vrouwen niet goed herkend worden. Een duidelijk voorbeeld hiervan is dat sommige vrouwen bij hoge bloeddruk sensaties hebben van “opvliegers”, die vaak ten onrechte aan de overgang worden toegeschreven. Uit een recent onderzoek is gebleken dat er wel degelijk een verband is tussen opvliegers en hoge bloeddruk.
Vrouwen hebben bij hartklachten vaak meer last van benauwdheid en vermoeidheid en mannen hebben vaker pijn op de borst. Bovendien zijn zij, meer dan mannen, geneigd om hun klachten te relativeren of te verdoezelen.
Deze en andere atypische klachten kunnen er voor zorgen dat de diagnose hartinfarct wordt gemist.

Dr. Maas pleit ervoor dat alle vrouwen na de overgang zichzelf laten onderzoeken op hun cholesterolgehalte en geregeld hun bloeddruk laten meten. Ze roept therapeuten in de zaal op in hun praktijk aandacht te schenken aan vrouwen in en na de overgang.
Verder pleit ze voor een gezonde leefstijl: veel sporten, gezond eten en op je gewicht letten; dit kan maar liefst 80% van de hartinfarcten voorkomen!
Bovendien helpt goed bewegen overgangsklachten te verminderen. (4 keer per week een half uur zodanig bewegen dat je moet douchen...)
Voor meer informatie en publicaties zie: www. vrouwencardioloog.nl

ALLEMAAL EEN BEETJE VLEES ETEN
De tweede spreekster was Anita Badart-Smook, diëtiste en lactatiekundige, lid van IBCLC, (International Board Certified Lactation Consultancy), voedingspraktijk ‘Rond en gezond’. Anita besprak het thema “vruchtbare voeding” in de brede zin van het woord. Het belang van gezonde preconceptionele voeding wordt vaak onderschat en voeding kan ook invloed hebben op het vóórkomen van vruchtbaarheidsproblemen. Knelpunten daarbij zijn bijvoorbeeld een tekort aan onverzadigd vet, vitamine A, B1, B2, B6, foliumzuur, vitamine D, ijzer, zink en selenium. Er worden teveel dierlijke eiwitten gebruikt, te veel transvetten en andere verzadigde vetten, te veel koolhydraten met een hoge glycaemische index.
Daarnaast volgt slechts 50% van de vrouwen het advies op om in de preconceptiefase foliumzuur te slikken en maar liefst 96% van de vrouwen gebruikt geregeld alcohol.

Onderzoek wijst uit dat wanneer een kind in de baarmoeder onvoldoende volwaardige voeding heeft gehad, hij als volwassene een verhoogd risico heeft op hart- en vaatziekten, hypertensie, verhoogd cholesterol, diabetes en onwelbevinden, agressief gedrag.
Naast suppletie van foliumzuur, vitamine D, ijzer en omega-vetzuren, is er aandacht nodig voor een dreigend tekort aan vitamine B12 bij vrouwen die vegetariër of veganist zijn of zelfs bij vrouwen die “af en toe een dagje geen vlees eten”. Een tekort aan vitamine B12 in de zwangerschap geeft risico op blijvende (hersen)afwijkingen bij het kind. Vanuit de oertijd zijn we echte vlees- en viseters, dus er werd door Anita Badart gepleit voor af en toe een stukje vlees of vis, naast een ruime hoeveelheid groenten! (Overigens bevat vette vis 6,7 mcg Vitamine B12/100gr., magere vis 2,0 mcg/ 100gr., rundvlees 2,6, ei 1,1 en vleesvervangers nagenoeg 0,0 mcg/100 gr.)
Een Vitamine B12 tekort bij a.s. moeders uit zich o.a. in klachten als vergeetachtigheid, verminderd concentratievermogen, tintelende vingers en tenen, verlies van eetlust, misselijkheid, ijzertekort, evenwichtsstoornis. Deze klachten worden vaak afgedaan als “zwangerschapskwaaltjes”, maar kunnen door suppletie van Vitamine B12 verbeteren.
B12 tekort bij het kind kan zich o.a. uiten in een laag geboortegewicht, cognitieve en motorische ontwikkelingsachterstand en atrofie van het hersenweefsel.


Praktische aanbeveling voor de risicogroepen (zwangeren, vegetariërs) is om voldoende (biologisch) vlees of vis te eten of anders B12 te suppleren. De dagelijkse behoefte Vitamine B12 is minimaal 10mcg/100gram. Bij tekorten kun je denken aan een suppletie van zelfs 500-1000 mcg per dag. Overdosering is niet mogelijk; bij opnameproblemen hebben vitamine B12 injecties of sprays of neusdruppels de voorkeur.
Daarnaast is natuurlijk een volwaardige voeding van groot belang: de aanbevelingen van de Voedingsraad: 200 gram groenten en 2 stuks fruit per dag is het absolute minimum! 600-1000 gram per dag zou een betere hoeveelheid zijn. Overigens wordt dit in de ons omringende landen ook geadviseerd. Een andere belangrijke stof bij zwangerschap is het onverzadigde vetzuur omega 3 (visolie) en dan met name de DHA-component. Voor het kindje is dit een belangrijke bouwstof voor de hersenen; het beïnvloedt de intelligentie, de visuele ontwikkeling, de motoriek en het voorkomt toekomstig probleemgedrag. Voor de moeder is het van belang om een goede DHA status te hebben o.a. om te voorkomen dat ze een postnatale depressie krijgt. Het kind vangt de DHA bij moeder weg, dus is het bijzonder belangrijk voor zwangere vrouwen om een goede visolie te suppleren met een hoge dosering DHA.

Nieuwsgierig geworden naar de rest? Neem dan een abonnement en u krijgt het blad ieder kwartaal thuisgestuurd, of bestel dit tijdschrift.


Actueel

Welkom op de geheel vernieuwde site van de Beroepsvereniging voor Kinesiologie!

Laatste update:

3 september 2010

Nieuw secretariaat per 25 februari, klik hier

Informatie energiedag 25 september, deze dag mag je niet missen!

Algemene ledenvergadering BvK 17 november

Ethische code BvK nu op website, klik hier

Overzicht erkende TfH instructeurs die tevens lid zijn van de BvK